ATEX is de Europese regelgeving voor omgevingen waar ontploffingsgevaar kan ontstaan door brandbare gassen, dampen of stof. De naam komt van het Franse ATmosphères EXplosibles. Werkt u met een installatie in zo'n omgeving, dan moeten de gebruikte componenten, waaronder afsluiters en aandrijvingen, geschikt en gemarkeerd zijn om geen ontstekingsbron te vormen.
ATEX bestaat uit twee delen. De eerste richtlijn stelt eisen aan apparatuur die in explosiegevaarlijke omgevingen wordt gebruikt: die moet zo zijn gebouwd dat deze geen vonk of heet oppervlak veroorzaakt die een explosie kan ontsteken. De tweede richtlijn gaat over de werkplek: de werkgever moet de risico's beoordelen, de gevaarlijke zones indelen en passende maatregelen nemen.
De omgeving wordt ingedeeld in zones, naar hoe vaak en hoe lang een explosieve atmosfeer aanwezig is. Voor gassen en dampen gelden de zones 0, 1 en 2; voor stof de zones 20, 21 en 22.
| Gas | Stof | Aanwezigheid explosieve atmosfeer |
|---|---|---|
| Zone 0 | Zone 20 | Voortdurend of langdurig |
| Zone 1 | Zone 21 | Af en toe, bij normaal bedrijf |
| Zone 2 | Zone 22 | Zelden en kortdurend |
ATEX-apparatuur draagt een markering met onder meer het Ex-symbool, de apparatuurgroep en de categorie. De categorie bepaalt voor welke ATEX-zones de apparatuur geschikt is. Controleer altijd dat de categorie van het component past bij de zone waarin het wordt geplaatst.
In een ATEX-zone heeft u afsluiters en aandrijvingen in een ATEX-uitvoering nodig. Pneumatische aandrijvingen zijn hier vaak gunstig, omdat er geen elektrische voeding bij de afsluiter nodig is. Elektrische uitvoeringen kunnen ook, mits ze ATEX-gecertificeerd zijn voor de juiste zone.
De Europese regelgeving voor omgevingen met ontploffingsgevaar door brandbare gassen, dampen of stof. De naam komt van het Franse ATmosphères EXplosibles.
Ze geven aan hoe vaak een explosieve atmosfeer aanwezig is. Voor gas gelden zone 0, 1 en 2, voor stof zone 20, 21 en 22. Hoe lager het nummer, hoe vaker een explosieve atmosfeer aanwezig is.
De ene stelt eisen aan de apparatuur, zodat die geen ontstekingsbron vormt. De andere gaat over de werkplek: risico's beoordelen, zones indelen en maatregelen nemen.
In een ATEX-zone heeft u afsluiters en aandrijvingen in ATEX-uitvoering nodig, met een categorie die past bij de zone.
Pneumatisch is vaak gunstig omdat er geen elektrische voeding bij de afsluiter nodig is. Elektrisch kan ook, mits ATEX-gecertificeerd voor de juiste zone.