Een pneumatische aandrijving zet perslucht om in beweging. Bij een cilinder is die beweging rechtlijnig; bij een aandrijving op een afsluiter is die draaiend, om een kogelkraan of vlinderklep te openen en te sluiten. In beide gevallen geldt: lucht erin geeft kracht, en de manier van terugkeren bepaalt de veilige stand.
Er zijn twee hoofdvormen. Een lineaire aandrijving, de cilinder, beweegt recht heen en weer. Een draaiende aandrijving maakt een draaiende beweging, meestal een kwartslag van 90 graden om een afsluiter te bedienen. Binnenin zet een mechanisme, zoals een tandheugel of scotch yoke, de lineaire beweging van de zuiger om in een draaiing.
| Type | Werking | Veilige stand |
|---|---|---|
| Dubbelwerkend | Perslucht in beide richtingen | Geen vaste stand bij drukverlies |
| Enkelwerkend met veerretour | Lucht in één richting, veer terug | Veilige stand bij drukverlies |
Een dubbelwerkende aandrijving gebruikt lucht om te openen en om te sluiten. Een enkelwerkende aandrijving met veerretour wordt door perslucht bewogen en door een veerpakket teruggebracht. Dat laatste geeft een gedefinieerde veilige stand: bij wegvallende lucht stuurt de veer de afsluiter naar open of dicht.
Juist bij afsluiters is die veilige stand belangrijk. Met een veerretour kiest u of de afsluiter bij luchtuitval naar veilig open of naar veilig dicht gaat. Welke kant veilig is, hangt af van het proces. De keuze tussen dubbelwerkend en veerretour is daarom een veiligheidsbeslissing, niet alleen een technische.
De aandrijving wordt aangestuurd door een magneetventiel: dat laat perslucht toe of ontlucht de aandrijving. Met een terugmeldschakelaar of een standmelder weet de besturing of de afsluiter open of dicht staat. Voor de keuze van de juiste aandrijving leest u verder in een pneumatische aandrijving kiezen.
Perslucht beweegt een zuiger. Afhankelijk van de uitvoering ontstaat daarmee een lineaire of draaiende beweging. Op een afsluiter draait die beweging meestal een kwartslag om te openen of te sluiten.
Dubbelwerkend gebruikt lucht in beide richtingen en heeft geen vaste stand bij drukverlies. Veerretour wordt door een veer teruggebracht en geeft daardoor een gedefinieerde veilige stand.
De stand waar de afsluiter naartoe gaat bij luchtuitval. Met een veerretour kiest u veilig open of veilig dicht, afhankelijk van het proces.
Via een magneetventiel dat de perslucht toelaat of aflaat. Een standmelder geeft terug of de afsluiter open of dicht staat.
Een cilinder is een lineaire aandrijving die recht beweegt; een aandrijving op een afsluiter maakt een draaiende beweging, meestal een kwartslag.