Voor het bedienen van een afsluiter kunt u kiezen tussen een pneumatische en een elektrische aandrijving. Beide brengen de afsluiter open en dicht, maar ze verschillen in kosten, snelheid, nauwkeurigheid en wat ze nodig hebben om te werken. De beste keuze hangt af van uw installatie en proces.
| Aspect | Pneumatisch | Elektrisch |
|---|---|---|
| Nodig | Perslucht | Elektrische voeding |
| Snelheid | Snel schakelen | Langzamer, gelijkmatig |
| Regelen | Mogelijk met positioner | Eenvoudig en nauwkeurig modulerend |
| Veilige stand | Eenvoudig met veerretour | Vraagt accupack of fail-safe voorziening |
| Kosten per stuk | Lager, mits perslucht aanwezig | Hoger, maar geen luchtverbruik |
Een pneumatische aandrijving is logisch als er al perslucht is en de afsluiter snel en vaak moet schakelen. Ze zijn robuust, schakelen snel en geven met veerretour eenvoudig een veilige stand. In explosiegevaarlijke omgevingen zijn ze bovendien goed toepasbaar, omdat er in de standaarduitvoering geen elektrische voeding bij de afsluiter nodig is.
Een elektrische aandrijving is de keuze als er geen perslucht beschikbaar is, of als u de afsluiter nauwkeurig wilt regelen op een tussenstand. Ook bij afsluiters die zelden schakelen is elektrisch aantrekkelijk, omdat er geen continu luchtverbruik is.
Pneumatisch werkt op perslucht en schakelt snel; elektrisch werkt op voeding en kan nauwkeurig regelen. De beschikbaarheid van perslucht is vaak doorslaggevend.
De pneumatische aandrijving schakelt sneller. De elektrische beweegt langzamer en gelijkmatiger, wat juist gunstig is voor regelen.
Met een bestaand persluchtnet is pneumatisch per stuk vaak voordeliger. Elektrisch heeft vaak hogere aanschafkosten, maar geen luchtverbruik, gunstig bij weinig schakelen.
Elektrisch is hiervoor vaak de eenvoudigste keuze, met een modulerende aansturing zoals 4-20 mA of 0-10 V voor een traploze tussenstand.
Pneumatische aandrijvingen zijn daar veelgebruikt. Elektrische aandrijvingen zijn eveneens mogelijk in een geschikte ATEX-uitvoering.